Balans
- liskevanloo
- 31 mei
- 5 minuten om te lezen
Bijgewerkt op: 12 jun
Cultuur zette me inderdaad aan het denken. En soms ook net eens even niet.
Sinds de reality check aan het begin van dit cultuurportfolio ben ik heel wat culturele ervaringen verder. En ik kan alleen maar vaststellen dat deze blog, ondanks het zwoegen en telkens opnieuw herschrijven, me heeft verrijkt.
Cultuur heeft me dit jaar aan het denken gezet. Soms diep, soms ongemakkelijk. Maar ik had ook plezier. Zo voelde het lezen van Kiwi’s, kanjers en giga-onderbroeken van Louise Rennison als een warm, grappig, nostalgisch dekentje. Voor het eerst sinds lange tijd kon ik nog eens verdwijnen in een boek zonder aan lesvoorbereidingen, reflectieverslagen, wasmanden of to-dolijsten te denken.
Tegelijk waren er culturele ervaringen die meer inspanning vroegen. Gilles!, gespeeld door Jan Decleir en gebaseerd op een tekst van Hugo Claus, was geen voorstelling waarbij ik ontspannen kon achterover leunen. Dezelfde categorie als een boek waar je je wat doorheen moet worstelen. Maar net zoals bij complexere boeken bleef er achteraf veel nazinderen. Het was een culturele verrijking die me uitdaagde en deed nadenken. Ook het boek Het is de liefde die we niet begrijpen was zo'n ervaring. Ik werd er niet warm van, maar ik ben wel blij dat ik eindelijk eens Bart Moeyaert heb gelezen en beter begrijp waarom zijn werk zoveel waardering krijgt. Ook Museum M lokte me uit m’n comfortzone.
Ik heb het voorbije jaar mooie dingen gezien. Naast de voorstellingen waarover ik heb geschreven, bezocht ik ook een Commedia dell’arte waarin mijn partner meespeelde, twee concerten van Bazart en de bizarre dans- en theatervoorstelling S 62° 58', W 60° 39' van Peeping Tom. Die laatste voorstelling kreeg (nog) geen eigen verslag, omdat ik er de juiste woorden niet voor vind. Ze was uitzonderlijk goed en verwarrend, indrukwekkend en frustrerend. Er zaten zoveel lagen, beelden en emoties in dat ik nog steeds niet helemaal weet hoe ik die ervaring moet beschrijven. En ik ben nog steeds door elkaar geschud van het bijzondere einde waarin een -schijnbaar - psychotische naakte man de zaal verbouwereerd achterliet. Het leek wel een reïncarnatie van Gollem uit Lord of The Rings. Soms zit de waarde van cultuur net in het feit dat ze zich niet volledig laat vatten. Het heeft me in elk geval verrast.
Wat me niet alleen in deze, maar ook in andere voorstellingen opnieuw opviel, is hoe frequent naaktheid nog steeds wordt ingezet om een boodschap kracht bij te zetten of het publiek wakker te schudden. Het stoorde me twintig jaar geleden al tijdens een cultuurportfolio voor mijn hobby repertoirestudie en blijkbaar is dat nog steeds een ding.
Zoals jullie ondertussen weten, ben ik ook een trotse fan van Nederlandstalige muziek. Vorig jaar blies Pommelien Thijs me onverwacht omver op Pukkelpop. Datzelfde gevoel ervaarde ik dit jaar bij Bazart tijdens hun intieme concert in de Hnita Jazz Club in Heist-op-den-Berg. Mijn verwachtingen waren niet bijzonder hoog. Ik had hun nieuwe nummers kort beluisterd en was niet meteen overtuigd. Maar live, in die zeer kleine zaal, kwamen hun teksten op een andere manier binnen. Twee weken later zag ik hen opnieuw in de Lotto Arena. Een totaal andere setting, fantastische sfeer. Leuk om deze twee ervaringen met elkaar te kunnen vergelijken. Het deed me beseffen hoe sterk de omgeving mee bepaalt hoe je cultuur beleeft.
Wanneer ik mijn portfolio herlees, zie ik duidelijk een rode draad. Ik hou van teksten waarin de impact van taal, menselijke relaties, communicatie en gedrag centraal staan. Dat zie ik terug in de boeken die ik koos, de artikels die mijn aandacht trokken en de voorstellingen die me raakten. Eigenlijk gaat deze blog over: waarom mensen doen wat ze doen en welke rol speelt taal daarin?
Waarin ik duidelijk groei zie, is in de manier waarop ik cultuur beleef. Aan het begin van dit portfolio schreef ik dat ik culturele ervaringen meestal enkel met mijn partner bespreek en nauwelijks schriftelijk reflecteer. Dat is veranderd. Ik praatte het voorbije jaar vaker over boeken, theater en artikels met medestudenten, vrienden en andere toeschouwers. Daardoor ontdekte ik hoe verschillend mensen dezelfde voorstelling kunnen ervaren. Mijn anders zo kritische partner was bijvoorbeeld laaiend enthousiast over Gilles!, terwijl een vriendin en ik toch enkele kanttekeningen maakten. Net die verschillende perspectieven verbreden mijn blik.
Ook het schrijven heeft me verrast. Sinds mijn stage bij het magazine Flair, ondertussen dertien jaar geleden, had ik nauwelijks nog een diverterende tekst geschreven. In het begin voelde het maken van deze blog onwennig en stroef aan. Maar gaandeweg vond ik opnieuw mijn eigen stijl. Zodra ik mezelf toeliet om er humor en persoonlijke anekdotes in te verwerken, haalde ik er steeds meer plezier uit, waardoor het bijna niet meer aanvoelde als een schoolopdracht. Ik merk nu dat schrijven gemakkelijker wordt door het te doen, te oefenen, te herschrijven. Hoe meer ik neerpen, hoe creatiever ik met woorden word. Maar een tekst lijkt nooit af, dat is tegelijk ook een mooie oefening in loslaten.
Ben ik ondertussen een boekenworm geworden? Nee. Maar ik heb wel meer gelezen dan voordien. Dat beschouw ik als een mooie eerste stap. Bovendien heb ik de app ReadEra ontdekt, waardoor ik nog niet altijd, maar wel overal kan lezen. Ik hoop deze zomer opnieuw wat meer ruimte te vinden om in boeken te duiken, zonder dat het voelt als iets wat nog snel moet worden afgewerkt tussen alle andere verplichtingen door. De voorbije maanden heb ik gemerkt dat elke vorm van lezen waardevol kan zijn, want ook dunnere exemplaren kunnen raken.
Daarnaast wil ik mezelf blijven uitdagen om buiten mijn vertrouwde culturele voorkeuren te stappen. De Bonski’s lieten me bijvoorbeeld ervaren hoe verrijkend het kan zijn om bewust in contact te komen met andere culturele achtergronden. Niet omdat de voorstelling zelf zo vernieuwend was, maar omdat de energie van al die verschillende mensen samen iets bijzonders creëerde. Ook neem ik me voor om snel nog eens een museum binnen te wandelen, in de hoop dat het me meer prikkelt dat de tentoonstelling van Alicja Kwade.
Bovendien merk ik dat dankzij dit cultuurportfolio mijn blik als toekomstige leerkracht Nederlands werd verruimd. Niet alleen op cultuur, maar ook op taalonderwijs. Ik zie steeds meer mogelijkheden om theater, muziek, literatuur, actualiteit en persoonlijke verhalen te verbinden met de klaspraktijk. Cultuur hoeft geen verplicht nummer te zijn. Ze kan leerlingen laten voelen, nadenken, discussiëren, lachen en zich herkennen in de ervaringen van anderen.
Aan het begin van dit portfolio schreef ik dat ik nieuwsgierigheid wil aanwakkeren, mensen wil verbinden en leerlingen iets wil laten ontdekken. Dat blijft mijn ambitie. Alleen begrijp ik vandaag nog beter dat cultuur daar een krachtig hulpmiddel voor is.
Ik herhaal: cultuur zet mensen aan het denken. En soms ook net eens even niet.
En dat is allebei even waardevol.



Opmerkingen